Meer ETF’s dan aandelen; brengt dit je vakantie in gevaar? 

Vakantie is weer voorbij, de scholen zijn weer begonnen, het is weer tijd om naar de beurs te kijken. Onlangs las ik een blog dat de onderwerpen vakantie en beleggen leuk wist te combineren. Hierin werd de lezer de volgende vraag gesteld: denk terug aan je leukste vakantie in de laatste tien jaar; wat deed je precies, waar was je, wat at je, wie waren erbij?

Maar toen kwam de echte vraag: was dit de beste vakantie mogelijk?

Het antwoord is nee. Want hoe leuk het ook was, door het krankzinnige aantal combinaties van bestemmingen, restaurants, hotels, musea en stranden, was er theoretisch altijd een nog net iets leukere vakantie mogelijk geweest.

En nu komt het cruciale punt: als je op vakantie bent en je bent de hele tijd bezig met het bedenken van een andere vakantie waar je ook naartoe had kunnen gaan, dan wordt het zeker geen leukere vakantie. Het is beter om te genieten van waar je bent.

Zo is het ook met beleggen - het kan altijd beter, zelfs je beste beleggingen. Maar als je een goede lange termijn strategie hebt, met goede resultaten, weer daar dan tevreden mee. Zoals een man met een hamer in zijn hand overal een spijker in ziet, zie ik ook hierin een pleidooi voor indexbeleggen met ETF’s. 

We hebben dit jaar weer genoten in S&Panje

De S&P index is een goed voorbeeld, een ETF op deze index is al decennia een heerlijke vakantiebestemming, met rendementen van gemiddeld >10% per jaar (wat geen garantie is voor de toekomst natuurlijk). Desondanks had het altijd beter gekund. In een column van Corné van Zeijl staat dat er de laatste 90 jaar 25.000 verschillende bedrijven in de S&P-index hebben gezeten, vaak op een niet optimaal moment gekocht en verkocht. 

De bekende indices blijven een aantrekkelijke vakantiebestemming. Bron: ChatGPT.

Daar merk je echter niets van als vakantievierende belegger. Bovendien vermeldt de column dat uit onderzoek naar 21.000 actieve beleggingsfondsen in 35 landen tussen 1990 en 2025 blijkt dat de gemiddelde fondsmanager bij de index achterblijft, dus een betere vakantie was best lastig te vinden. 

Voor dat ontspannen vakantiegevoel blijven hierdoor wat mij betreft ETF’s favoriet. Er is echter een ontwikkeling gaande waardoor dit ongestoord genieten iets moeilijker gemaakt wordt, en dat is de enorme groei aan ETF’s. In Amerika is nu het historische moment bereikt waarop er  meer ETF’s zijn dan aandelen: 4300 versus 4200. 

Er zijn nu ETF’s op crypto, ETF’s met een hefboom, ETF’s die je hond uitlaten, noem maar op.

Dat betekent dat je heel veel tijd kan besteden aan de selectie van een ETF, in plaats van van andere dingen te genieten op je vakantie.

Een analist op Bloomberg vat het goed samen:

“Choice is great until it becomes a burden. There’s a paradox of too many options where investors can feel paralyzed rather than empowered.” 

Om door de bomen het bos te blijven zien, heeft het mijn voorkeur om vooral te blijven beleggen in de aller goedkoopste ETF’s op bekende, breed gespreide indices zoals de MSCI World, de S&P 500 of de Stoxx Europe 600. Bijkomend voordeel hiervan is dat de verhandelbaarheid over het algemeen ook het beste is. 

Als je toch interesse hebt in ETF’s met hoge kosten op thema’s die nu “hot” zijn, houd het dan beperkt tot een klein deel van je portefeuille en kijk na verloop van tijd of deze het eigenlijk wel beter doen dan de huis-tuin-en-keuken ETF op de bekende grote indices. 

Door klimaatverandering misschien toch eens ergens anders heen?

Aan het beleggen in de populairste en goedkoopste ETF’s in de ‘grote’ indices kleeft echter in toenemende mate een ander bezwaar. Als je in een ETF belegt, worden de onderliggende aandelen aangehouden door de ETF-aanbieder. Die is daarmee aandeelhouder en kan dus stemmen. De grootste aanbieders, BlackRock en Vanguard, zijn Amerikaans. En door de nieuwe wind die al een tijdje in Amerika waait, blijken deze twee bij aandeelhoudersvergaderingen tegenwoordig vrijwel altijd tegen klimaatresoluties te stemmen. 

Als je het daarmee eens bent, dan is dat prima. Maar als je het daar niet mee eens bent (zoals ik), dan betekent dit in feite dat met jouw vermogen een beleid wordt ondersteund waar je niet achter staat. 

Voor dit probleem is de hoeveelheid ETF’s wellicht wél goed nieuws. 

Ten eerste omdat je een ETF aanbieder kunt uitzoeken die wel duurzaam stemt bij aandeelhoudersvergaderingen. Dat zal in de meeste gevallen een Europese aanbieder zijn, zoals bijvoorbeeld Amundi. 

Ten tweede kan je op zoek gaan naar ETF’s die aandelen selecteren op basis van ESG of andere duurzame criteria. Betekent wel veel huiswerk, want er zijn veel verschillen in de criteria en aanpak.

En tot slot zijn er in de ETF-jungle tegenwoordig ook steeds meer actief gemanagede ETF’s. Bij deze ETF’s wordt niet passief een index gevolgd, maar is er een fondsmanager die aandelen selecteert. Vergelijkbaar met beleggingsfondsen dus, echter, de kosten liggen meestal veel lager (maar zijn wel hoger dan bij de simpele index ETF’s, dus dat is wel een punt). Op dat gebied zijn de ETF’s van Robeco wellicht interessant; hier wordt bij het beleggingsbeleid rekening gehouden met duurzaamheid en de kosten zijn relatief laag (voor wie interesse heeft, in een eerdere post vind je meer info).

Maar het blijft een lastig dilemma, ook omdat al deze opties meer tijd of meer geld kosten, wat weer afbreuk doet aan het vakantiegevoel. Als iemand nog meer tips heeft voor een zorgeloze beleggingsvakantie dan hoor ik het ook graag!

Volgende
Volgende

Wc-papier kan nu ook een rol spelen in je portefeuille